Hartrevalidatie
Na een hartinfarct of bij hartfalen kan bewegen spannend voelen. Misschien ben je bang dat inspanning je hart te zwaar belast. Dat is begrijpelijk. Maar goed opgebouwde training onder begeleiding is veilig, en het helpt je verder.
Wat is het?
Hartrevalidatie is een begeleid programma voor mensen met een hartziekte. Bijvoorbeeld na een hartinfarct, na een dotterbehandeling of een bypassoperatie, of bij chronisch hartfalen. De kern is beweegtraining met een dosering die bij jou past. Daarnaast krijg je uitleg over je hart, leer je omgaan met klachten, en is er aandacht voor hoe het met je gaat. Het programma loopt naast je medicijnen en je behandeling bij de cardioloog, en versterkt wat die doen.
Is het ernstig?
Een hartziekte is serieus, en dat maken we niet kleiner dan het is. Tegelijk kun je er goed mee verder leven, en training helpt daarbij. Bewegen onder begeleiding is veilig als je vooraf goed wordt beoordeeld en tijdens de training in de gaten wordt gehouden. Ernstige problemen tijdens hartrevalidatie zijn zeldzaam. De angst dat inspanning gevaarlijk is bij hartfalen is bij een goede dosering niet terecht.
Wat je wel moet weten: hartrevalidatie zorgt ervoor dat je minder vaak in het ziekenhuis wordt opgenomen en dat je je beter voelt. Of het je leven verlengt, is minder zeker. Bij hartfalen is dat in onderzoek niet aangetoond. Bij coronairlijden lijkt er op de lange termijn winst te zijn, maar op de korte termijn is die niet gevonden. We zeggen dat er eerlijk bij, want je verdient te weten wat het programma wel en niet belooft.
De training wordt uitgesteld of aangepast als je situatie niet stabiel is.
Wanneer bel ik mijn huisarts?
Neem spoedig contact op met je huisarts als je aanhoudende pijn op de borst hebt of andere tekenen van een hartinfarct.
Bel vandaag nog je huisarts als je pijn op de borst, plotselinge ernstige benauwdheid, hartkloppingen of duizeligheid krijgt. Stop dan met inspannen en waarschuw je behandelaar.
Hoe lang duurt het?
De revalidatie verloopt in fasen. Vaak begint het al in het ziekenhuis met voorzichtig bewegen. Daarna volgt een begeleid trainingsprogramma van meestal enkele weken tot maanden. De laatste fase is de belangrijkste en de langste: zelf actief blijven, voor altijd.
Die laatste fase is ook de moeilijkste, en dat is geen persoonlijk falen. In onderzoek deed ruim negen op de tien mensen trouw mee zolang het programma liep. Daarna, thuis en op eigen kracht, hield ongeveer de helft het vol. De winst van je training verdwijnt langzaam als je stopt met bewegen. Daarom is het slim om al tijdens het programma te bedenken hoe je daarna verder gaat.
Wat kan ik doen?
Het beste wat je kunt doen is meedoen en volhouden. Begeleide beweegtraining verlaagt de kans dat je opnieuw in het ziekenhuis belandt. Het kan er ook aan bijdragen dat je je beter voelt in het dagelijks leven, al is dat effect niet bij iedereen even groot.
Over de intensiteit hoef je je geen zorgen te maken. Zware intervaltraining klinkt indrukwekkend, maar uit onderzoek blijkt dat de winst vooral meegaat met hoeveel energie je in totaal verbruikt, niet met hoe zwaar een losse inspanning voelt. Rustiger trainen dat je volhoudt is dus beter dan zwaar trainen dat je opgeeft.
Bespreek van tevoren hoe je doorgaat als het programma stopt. Vraag om een concreet plan: wat ga je doen, hoe vaak, en met wie. Thuis trainen met digitale begeleiding, bijvoorbeeld een activiteitenmeter of beeldbellen, verbetert bij hartfalen aantoonbaar je conditie. Maar het is geen automatische oplossing voor het volhouden; juist thuis blijkt dat lastiger. Spreek daarom af hoe je begeleiding krijgt, ook na afloop. Lukt het even niet? Dat is niet erg. Je fysiotherapeut past het programma aan.
Zet als eerste stap dit: vraag je cardioloog, huisarts of fysiotherapeut om een verwijzing naar hartrevalidatie.
Een hartziekte is ingrijpend, maar je staat er niet alleen voor. Stap voor stap bewegen onder begeleiding is veilig en helpt je verder.
Zelf aan de slag
Voor je fysiotherapeut
Bekijk de onderbouwing (Evidence-Based Guidance)Dit is algemene uitleg. Heb je klachten? Praat dan met je fysiotherapeut of dokter.
Geschreven door Rik van Schaik, fysiotherapeut en manueel therapeut, BIG-nummer 59909785704. Gebaseerd op Evidence-Based Guidance IREG 2502.