Pijn en klachten

Carpaaltunnelsyndroom

Tintelende of gevoelloze vingers zijn vervelend, zeker als je er 's nachts wakker van wordt. Meestal is er veel aan te doen, en vaak begint dat rustig en zonder operatie.

Wat is het?

Carpaaltunnelsyndroom betekent dat een zenuw in je pols bekneld raakt. Deze zenuw heet de medianuszenuw en loopt door een nauwe tunnel in je pols. Komt er te veel druk op die zenuw, dan geeft dat tintelingen, een doof gevoel of pijn. Je voelt dat vooral in je duim, wijsvinger, middelvinger en de helft van je ringvinger. De klachten komen vaak 's nachts op. Dit is de meest voorkomende beknelde zenuw in de arm, dus je bent zeker niet de enige.

Is het ernstig?

Meestal is dit niet ernstig. Bij lichte tot matige klachten helpt rustige behandeling vaak goed. Toch is het slim om op tijd te laten kijken hoe het met je hand gaat.

Wanneer bel ik mijn huisarts?

Bel vandaag nog je huisarts als:

  • je merkt dat je duimspier slinkt;
  • je snel kracht verliest in je hand;
  • je je pols hebt bezeerd en de klachten plotseling en hevig opkomen;
  • je na een injectie koorts krijgt of de pijn juist duidelijk erger wordt.

Wacht daar niet te lang mee, want hoe eerder je hulp zoekt, hoe groter de kans dat de zenuw zich weer helemaal herstelt.

Hoe lang duurt het?

Dat verschilt per persoon. Lichte klachten wisselen vaak en reageren meestal goed op een spalk en rust voor je pols. Bij een deel van de mensen gaan de klachten daarmee voldoende over. Bij anderen blijven ze langer aanhouden en is soms een operatie nodig. Hoe eerder je erbij bent, hoe groter de kans op goed herstel. Bij ernstige, langdurige beknelling herstelt de hand niet altijd helemaal, en daarom loont het om op tijd te laten kijken.

Wat kan ik doen?

Bij lichte tot matige klachten begin je het beste met een polsspalk die je 's nachts draagt. Die houdt je pols recht en haalt druk van de zenuw af. Een polsspalk voor de nacht is bijna altijd de eerste en beste stap. Een injectie kan de klachten even verlichten, maar dat effect is klein en tijdelijk. Houden de klachten aan of verlies je kracht, dan kan een operatie helpen; de arts maakt daarbij een bandje in je pols los. Een operatie werkt dan beter dan een spalk, maar heeft iets meer kans op bijwerkingen, dus dat weeg je samen met je arts af. Reken na een operatie op geduld: je kracht komt vaak pas na vijf tot zeven maanden merkbaar terug, en de zenuw herstelt nog langer door. Uit onderzoek bij vrouwen met deze klacht bleek dat gerichte fysiotherapie op de langere termijn een resultaat kan geven dat lijkt op dat van een operatie. Oefeningen alleen helpen maar een beetje en zijn vooral een aanvulling. Lukt het even niet, of weet je niet waar te beginnen? Dat is niet erg, je fysiotherapeut of huisarts helpt je op weg. Begin met dit ene ding: vraag je huisarts of fysiotherapeut om een goede polsspalk voor de nacht.

Met de juiste aanpak knappen veel mensen rustig op, en je hoeft het niet alleen uit te zoeken.

Zelf aan de slag

Voor je fysiotherapeut

Bekijk de onderbouwing (Evidence-Based Guidance)

Dit is algemene uitleg. Heb je klachten? Praat dan met je fysiotherapeut of dokter.

Geschreven door Rik van Schaik, fysiotherapeut en manueel therapeut, BIG-nummer 59909785704. Gebaseerd op Evidence-Based Guidance IMEG 5201.