IMEG 6204

Acetabulair labrumletsel van de heup

Scheur van de kraakbeenring rond de heupkom — meestal secundair aan impingement of morfologie: conservatief beleid als eerste stap en heuparthroscopie als selectieve optie, met aandacht voor de veelvoorkomende symptoomloze bevinding

Auteur
R. van Schaik (fysiotherapie/manuele therapie)
DCSPH-diagnosecode
6222 · Art. coxae (inclusief weke delen): Chondropathie / arthropathie / meniscuslaesie

Indicatief, geen declaratie-advies. DCSPH is een declaratiecodelijst en onderscheidt onze aandoeningen niet altijd: verschillende documenten kunnen dezelfde code dragen. Welke code u declareert bepaalt u op grond van uw eigen bevindingen. Bron: Vektis-codelijst CL0024-ZN, geldig vanaf 1 januari 2025.

Deel A — Klinische evidence-synthese

Deel A is opgesteld om zelfstandig leesbaar en toepasbaar te zijn, zonder dat de lezer aanvullende informatie hoeft op te zoeken. De methodologische verantwoording staat in Deel B.

1. Samenvatting en kernaanbevelingen

In-tekstverwijzingen [n] verwijzen naar de genummerde bronnenlijst (Vancouver; DOI/PMID geverifieerd via PubMed). Bewijszekerheid is per uitkomst met GRADE beoordeeld en vertaald naar de zes-tier-ladder (S/A/B/C/M/X). De tiers in dit concept zijn VOORLOPIG.

Het acetabulair labrum is de kraakbeen-vezelring rond de heupkom die de stabiliteit, drukverdeling en 'afdichting' van het heupgewricht ondersteunt. Een labrumletsel is doorgaans secundair aan een femoroacetabulair impingement (FAI), en verder aan trauma, dysplasie, capsulaire laxiteit of degeneratie [1]. Patiënten klagen meestal over anterieure heup- of liespijn, met een positieve anterieure impingementtest als meest consistente bevinding [1]. MR-artrografie is een betrouwbaar beeldvormend onderzoek; arthroscopie geldt als de gouden standaard voor de diagnose [1]. Belangrijk is dat labrumafwijkingen ook frequent voorkomen bij symptoomloze mensen — een beeldvormende bevinding zonder passende klachten is geen diagnose [1,6].

De behandeling is in de eerste plaats conservatief: rust en activiteitsmodificatie, ontstekingsremmende en pijnmedicatie, fysiotherapie en zo nodig een intra-articulaire injectie [1]. In een gerandomiseerde trial bij patiënten van 40 jaar en ouder met beperkte artrose gaf heuparthroscopie met nabehandeling betere uitkomsten dan fysiotherapie alléén op 24 maanden — maar 71% van de fysiotherapie-alleen-groep stapte alsnog over naar chirurgie, en preoperatieve fysiotherapie liet een deel van de patiënten de operatie vermijden zonder de chirurgische uitkomst te schaden [2]. Er is geen sham-gecontroleerde trial, zodat het contextuele/placebo-aandeel van de operatie onzeker blijft [4]. Een heupbrace gaf in een kleine, exploratieve trial een verbetering van de heup-kwaliteit van leven (iHOT-33-verschil 19,4), maar met een brede betrouwbaarheidsintervallen [3].

Kernboodschappen: koppel de beeldvormende labrumbevinding altijd aan passende klachten (geen diagnose op beeld alleen) [1,6]; behandel de onderliggende oorzaak (meestal FAI) en start conservatief [1]; en reserveer heuparthroscopie (labrumhechting/-débridement) voor geselecteerde patiënten na falen van conservatief beleid, met eerlijke voorlichting over de crossover en het ontbreken van sham-bewijs [2,4]. [CONSENSUS]

Bewijsniveau:Ssystematisch zekerAhoogBmatigClaagMmechanistisch/consensusXonvoldoende/geen
KernaanbevelingKoppel beeldvorming aan klachten; geen diagnose op beeld alleen
ClaimtypeBeleid/consensus
Zekerheid (tier)M
SterkteSterk
KernaanbevelingConservatief beleid (activiteit/fysio/NSAID/injectie) als eerste stap
ClaimtypeEffectvergelijking
Zekerheid (tier)C
SterkteSterk
KernaanbevelingHeuparthroscopie bij falen conservatief (gedeelde besluitvorming)
ClaimtypeEffectvergelijking
Zekerheid (tier)C
SterkteZwak
KernaanbevelingBehandel de onderliggende oorzaak (meestal FAI-morfologie)
ClaimtypeBeleid/consensus
Zekerheid (tier)M
SterkteSterk
KernaanbevelingOverweeg heupbrace/injectie als adjuvans
ClaimtypeEffectvergelijking
Zekerheid (tier)C
SterkteZwak

Richtlijnverankering (kruischeck 15-07-2026): labrumletsel behoort in het Zurich-2018-consensusdocument (Reiman et al. 2020) [6] tot de derde kernentiteit van hip-related pain (labrale/chondrale/ligamentum-teres-condities), met de waarschuwing dit niet te verwarren met incidentele beeldvorming bij asymptomatische personen. CONSENSUS-EXPERT, geen effect-tier; onderscheiden van de Warwick Agreement.

Dit deel is voor zorgprofessionals

De volledige Evidence-Based Guidance (Graded) lees je met een account voor zorgprofessionals. Het overzicht van alle aandoeningen blijft vrij toegankelijk.

  • Per aandoening de volledige synthese, gegradeerd op bewijskracht.
  • Eén account, direct toegang; verificatie van je BIG-nummer is alleen nodig als je patiënten wilt koppelen.
Inloggen of account aanmaken

Ben je patiënt? Op de klachtpagina's staat dezelfde inhoud in gewone taal.