Tenniselleboog
Pijn aan de buitenkant van je elleboog kan flink hinderen bij alledaagse dingen, zoals iets optillen. Vervelend, maar het gaat bij de meeste mensen vanzelf over.
Wat is het?
Een tenniselleboog, met de medische naam laterale epicondylalgie, is een pijnlijke, overbelaste peesaanhechting aan de buitenkant van je elleboog. Op die plek zitten de spieren die je pols en vingers strekken. Je voelt pijn aan de buitenkant van de elleboog en je grip wordt zwakker en pijnlijker, bijvoorbeeld bij het optillen van een kopje. Belangrijk om te weten: de pees is geleidelijk overbelast geraakt, het is geen ontsteking. Het komt voor bij ongeveer 1 tot 3 op de 100 mensen, meestal tussen de 35 en 55 jaar.
Is het ernstig?
Meestal is dit niet ernstig en gaat het vanzelf over. Het is hinderlijk en soms langdurig, maar het is geen gevaarlijke aandoening.
Wanneer bel ik mijn huisarts?
Bel vandaag nog je huisarts als:
- je naast de elleboogpijn ook nekpijn met uitstraling naar je arm hebt, of tintelingen of krachtverlies in je hand (dat kan namelijk een andere oorzaak hebben dan een tenniselleboog en vraagt om verder onderzoek);
- je na een injectie koorts krijgt of de pijn juist duidelijk erger wordt.
Hoe lang duurt het?
De klachten verdwijnen bij veel mensen vanzelf, meestal binnen ongeveer een jaar. Dat is een flinke tijd, en dat kan geduld vragen. Gelukkig kun je in die periode zelf veel doen om de pijn te verminderen en je herstel te steunen. Rustig doorbewegen en de belasting slim aanpassen helpen daarbij; volledig stilzitten is niet nodig.
Wat kan ik doen?
Het beste helpt oefentherapie: je belast en versterkt je pols- en onderarmspieren stap voor stap. De winst is bescheiden maar echt, en beter dan afwachten of een injectie. Tape kan tijdelijk wat pijn verlichten, en het helpt om activiteiten die de pijn uitlokken een tijdje aan te passen.
Een aantal behandelingen raden we niet aan. Een ontstekingsremmende (corticosteroïd)injectie helpt even op korte termijn, maar geeft juist een slechter resultaat op de lange termijn en meer kans dat de klacht terugkomt. Ook shockwave-therapie raden we niet standaard aan, omdat het waarschijnlijk niet meer oplevert dan gewoon afwachten.
Lukt het oefenen even niet, of weet je niet goed hoe je moet opbouwen? Dat is niet erg, je fysiotherapeut helpt je op weg. Begin met dit ene ding: vraag je fysiotherapeut om de juiste oefeningen voor je pols- en onderarmspieren.
Met geduld en gerichte oefeningen komt het bij de meeste mensen weer goed.
Zelf aan de slag
Voor je fysiotherapeut
Bekijk de onderbouwing (Evidence-Based Guidance)Dit is algemene uitleg. Heb je klachten? Praat dan met je fysiotherapeut of dokter.
Geschreven door Rik van Schaik, fysiotherapeut en manueel therapeut, BIG-nummer 59909785704. Gebaseerd op Evidence-Based Guidance IMEG 5001.